”AB3 in het nieuws”

Tekstbegrip neemt af door digitaal lezen.

Digitale teksten kunnen weliswaar motivatie en betrokkenheid vergroten, er kleven ook nadelen aan deze manier van lezen. Laten we niet in de valkuil stappen het nieuwe af te wijzen en onderzoeken wat wel werkt. Vier onderzoeken uitgelicht.

Algemeen

1) Uit divers wetenschappelijk onderzoek blijkt dat tijdens lezen vanaf een scherm mensen automatisch scannend een tekst doornemen op zoek naar specifieke informatie in plaats van dieper tot een tekst door te dringen. Verbanden tussen verschillende passages worden nauwelijks gelegd en argumenten voor de onderbouwing van conclusies worden vaak niet als zodanig herkend.

Onderzoek bij lezende studenten tijdens een tekstbegrip opdracht toont aan dat het brein geen gebruik maakt van bekende en eerder geleerde leesstrategieën om te komen tot tekstbegrip. Ook blijken digitale links in een tekst, bewegende beelden, geluiden, of spelachtige animaties – in digitale leermethodes vaak gebruikt om betrokkenheid te blijven genereren – sterk afleidend te werken ten koste van de inhoud van de tekst.

Kleuters

2)  Geprinte boeken doen een groter beroep op het (voor)lezen en begrijpen van een verhaal dan interactieve e-books. Kinderen blijken significant minder details te onthouden van een verhaal van een e-book versie met multimedia gimmicks in vergelijking met de geprinte versie van hetzelfde boek, of het e-book zonder interactieve spelletjes. Ouders van jonge kinderen stellen tijdens het gezamenlijk lezen van interactieve multimediale e-books nauwelijks vragen aan hun kinderen over de inhoud van het verhaal, maar gaan wel mee in het spel.

digitaal lezen

Vragen stellen moedigt kinderen aan verbanden te leggen in een verhaal, goed voor de taalontwikkeling en het denkvermogen. Een geprint boek of e-book zonder multimedia gimmicks lokt meer interacties uit die bijdragen in de taalontwikkeling dan een e-book met multimediale gimmicks. Onderzoekers geven aan dat ouders en leerkrachten van jonge kinderen het plezier en het leerelement beter uit moeten balanceren zodat beide aspecten voldoende aandacht krijgen en bijdragen aan begrijpend lezen.

Jongeren

3) Uit onderzoeken van The American Educational Research Association blijkt dat jongeren meer gemotiveerd raken door gezamenlijke interactie in het werken met interactieve e-books, zoals Apple’s iBooks Author Software, maar de delen met informatieve teksten vaak overslaan.

Ontrafelen van problemen en vraagstukken is één van de belangrijkste vaardigheden van deze tijd. Daarbij hoort het goed kunnen lezen en begrijpen van teksten en verbanden kunnen leggen tussen verschillende soorten informatie. Lezen, herlezen, jezelf vragen stellen over een tekst en in eigen woorden herformuleren zijn daartoe waardevolle strategieën. Deze staan haaks op het snelle scannende lezen.

Nieuwe ontwikkelingen brengen met zich mee dat we oude aannames opnieuw tegen het licht moeten houden. Feit is dat jongeren meer geëngageerd raken door digitale leermiddelen. Laten we vooral niet in de valkuil stappen om het nieuwe af te wijzen en ons vast te bijten in aloude bewezen leerstrategieën. We zullen moeten uitvinden hoe we het ‘oude’ en ‘nieuwe’ kunnen integreren op een manier die het lezen en leren ten goede komen. Van belang is te achterhalen en begrijpen hoe, wanneer en waarbij jongeren inter-acteren met digitale (leer)middelen en de inzichten uit deze onderzoeken gebruiken om het beste uit beide werelden te integreren.

4) Project Tomorrow® bracht een rapport uit over de verschillende benaderingen van jongeren in het gebruik van digitale leermiddelen binnen en buiten de school. Een interessant rapport, al moet wel vermeld worden dat het onderzoeksproject gesponsord wordt door diverse producenten en uitgevers van digitale leermiddelen.

Alexandra van der Hilst

 

Gerelateerde artikelen:
1. Uit eerdere nieuwsbrieven:
https://www.ab3.nu/2013/09/
2. Digital Reading Poses Learning Challenges for Students
http://www.edweek.org/ew/articles/2014/05/07/30reading_ep.h33.html
3.  Printbooks vs. E-books Joan Ganz Cooney Center
http://www.joanganzcooneycenter.org/wp-content/uploads/2012/07/jgcc_ebooks_quickreport.pdf
4. Researchers Voice Concern Over E-Books’ Effect on Reading Comprehension
http://blogs.edweek.org/edweek/DigitalEducation/2014/04/early_concerns_about_e-books_e_1.html
5.  Project Tomorrow
http://www.tomorrow.org/speakup/pdfs/SU13StudentsReport.pdf

 

Goed presenteren, MOET je kunnen in deze tijd!

Laatst was het weer zover, met kromgetrokken tenen zat ik naar een presentatie te kijken. Hoe bestaat het, een CEO aan het woord terwijl het publiek afhaakt en ze hier en daar zelfs grapjes over hem maken…   Klik hier en lees verder

Training ‘COL 21: Creativiteit en ontwerpend leren’

Leerkrachten die denken als een ontwerper

Vreemde paradox: inzoomen en verbinden!

Om vorm te geven aan goed onderwijs moeten scholen creatiever en innovatiever worden terwijl de hang naar controle en ‘evidence based’ onderwijs steeds groter wordt. Naast vakinhoudelijke kennis, het beheersen van complexe vaardigheden en oog hebben voor de persoonlijke ontwikkeling van de leerling, speelt de druk van het meten van opbrengsten en het belang van goede reken- en taalvaardigheden. De basis van elke innovatie ligt in creatief kunnen denken waarbij onbekende paden inslaan, weloverwogen risico’s durven nemen en over je eigen horizon kunnen kijken, grondbeginselen zijn. Daarvoor zijn andere vaardigheden nodig dan die voor werken vanuit doelen waarvan uitkomsten eenduidig meetbaar en controleerbaar zijn. Tijd om in te zoomen op specifieke vragen uit de praktijk en verbindingen te leggen naar andere kennis en denkvelden!

Hoe geef je vorm aan vaardigheden van de 21ste eeuw zonder wat goed is te verliezen?

Vanuit deze vraag van schoolleiders hebben we de training ‘COL21: creativiteit en ontwerpend leren’ voor leerkrachten ontwikkeld. De training is gebaseerd op drie competentiepijlers: exploreren, reflecteren en ontwerpen

Algemeen

We gaan actief aan de slag, maken gebruik van coöperatieve werkvormen en sluiten aan bij de Meervoudige Intelligentie theorie van Howard Gardner. Belangrijk aspect is het leren reflecteren op verschillende manieren: zowel tijdens het doen – reflection-in-action , als achteraf – reflection-on-action. Vervolgens kijken we hoe deze kennis en inzichten ingezet kunnen worden in de praktijk van onderwijs en leren. Zowel voor kinderen en jongeren in hun manier van denken en handelen als voor de leerkracht en de school als organisatie. Elke deelnemer werkt, langs het in de cursus ervaren en geleerde, een eigen onderwerp uit in een ontwerp welke hij/ zij in de eigen praktijk wilt toepassen.

De eerste bijeenkomst is gericht op:

  • waarnemen en interpreteren; hoe mensen vanuit verschillende aannames waarnemen en daardoor tot uiteenlopende interpretaties komen.
  • leren exploreren; waarom belangrijk bij het ontwikkelen van creativiteit, kritisch denken en een onderzoekende houding, welk gedrag hoort hier bij?
  • links- en rechtsbreinig leren; lineaire en non lineaire informatieverwerking leiden tot verschillende werkprocessen en verschillende uitkomsten.
  • start verkenning eigen onderwerp voor ontwerp dat de deelnemer wilt uitwerken voor de eigen praktijk.

 De tweede bijeenkomst is gericht op:

  • creatieve (denk)strategieën; visual thinking, klank en het auditieve geheugen, denken vanuit ruimte en beweging.
  • oppervlakkig en diepgaand leren; hoe is het voorgaande op verschillende niveaus toe te passen in de eigen praktijk?
  • ontwerpproces; we doorlopen stap voor stap het proces van idee in je hoofd naar tastbare oplossingen, diensten of toepassingen. Aan de hand van  ingebrachte onderwerpen of thema’s werken we met de deelnemers aan hun eigen ontwerpproces.

De derde bijeenkomst richten we ons op de voortgang:

  • hoe ver zijn de deelnemers gekomen met hun eigen ontwerp en waar zijn ze tegen aan gelopen?
  • hoe beoordeel je wat je wilt bereiken ook daadwerkelijk is geslaagd en hoe begeleid en beoordeel je leerlingen in creatieve processen?
  • kijken naar de manier waarop professionele ontwerpers en producenten denken en werken, vertaald naar onderwijs en leren.

De vierde bijeenkomst reflecteren we op de opbrengst:

  • de deelnemers presenteren hun eigen ontworpen project
  • wat was het resultaat van het project in hun eigen werkomgeving?
  • wat kan er beter of anders?

Tussen iedere bijeenkomst gaan de deelnemers met de opgedane praktische kennis en inzichten in hun dagelijkse werk aan de slag. Iedere deelnemer werkt aan een opdracht welke is gekoppeld aan een zelf gekozen thema, kerndoel of dienst.

Doelgroep: Docenten, leerkrachten, leerling-begeleiders, schoolleiders; minimaal HBO niveau met een ondernemende leerhouding.

Werkvormen: Praktisch, vanuit een combinatie van verschillende ontwerp-theorieën. Ervaren en doen, reflecteren, verdiepen, verbinden met en vertalen naar de eigen praktijk situatie.

Opbrengst: Weten en toepassen hoe creativiteit en creërend vermogen op gang te brengen; verschillende benaderingen van reflecteren kunnen toepassen; inzicht in ontwerp processen en toepassen in het maken van (eigen) werkvormen, thema’s, projecten, of leerlijnen; bovenstaande kunnen verbinden aan vaardigheden voor de 21ste eeuw.

Tijdsbeslag: vier bijeenkomsten van ieder een dagdeel (totaal ca. 16 uur) en totaal ca. 12 uur zelfwerkzaamheid tussen de bijeenkomsten

Trainers: Alexandra van der Hilst, auteur van o.a. ‘Voorbij de kaders – Kunst in leren’ , ‘Binnen – Buiten’, ‘Hoogbegaafd, gave en opgave!’ internationaal spreker, trainer en begeleiding (onderwijs) innovatietrajecten. Ben van der Sanden, technisch ontwerper en leider van internationale innovatietrajecten onder andere bij Nationaal Lucht & Ruimtevaart Laboratorium en de Nederlandse omroep – NOS / NOB.

Wanneer: voorjaar 2018

Locatie: Gebouw De Koningin in Hilversum

dlrzw8xbkw

Is dit interessant voor u schrijf u dan in: klik hier voor het inschrijfformulier of neem contact met ons en wij bespreken graag de mogelijkheden.

 

Nieuwsbrief

Wilt u op de hoogte gehouden worden Schrijf u dan in voor de nieuwsbrief. >>
www.deweijerdesign.nl